Verklaring

Verklaring naar aanleiding van het oordeel van de Commissie Stolker

De Commissie Stolker heeft geconcludeerd dat er geen bewijs is dat individuele onderzoekers verbonden aan het Cross-cultural Human Rights Centre (CCHRC) hun opvattingen hebben laten ‘kopen’ door de Chinese partneruniversiteit of zich onder druk van deze universiteit schuldig hebben gemaakt aan zelfcensuur.

Wij zijn verheugd over dit oordeel en wij bedanken onze partners die vertrouwen hebben gehouden in een positieve uitkomst van het onderzoek van de Commissie.

Het onderzoek van het CCHRC is en blijft gericht op het samenwerken met gemeenschappen in het Globale Zuiden en minderheidsgroepen in Nederland om zo hun mensenrechten kracht bij te zetten. Door aan te haken bij de waarden, kennis en kunde van die gemeenschappen en minderheden volgt het CCHRC de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.

Volgens plan loopt de samenwerking met de VU eind december af. Het CCHRC streeft ernaar om zijn werk dan in ander verband voort te zetten.

De medewerkers van het Cross-cultural Human Rights Centre


Bio

Ik ben als hoogleraar verbonden aan het Departement Rechtsgeleerd van de Universiteit Utrecht. Ik ben werkzaam bij afdeling Internationaal en Europees Recht. Mijn specialismen zijn crosscultureel recht, rechtsvergelijking en mensenrechten.

In het kader van het crossculturele recht probeer ik het statelijke recht en de normen en waarden van minderheden dichterbij elkaar te brengen. Dat betekent dat ik minderheidsgroepen aanmoedig om de mogelijkheden van de democratische rechtsstaat effectiever in te zetten om hun belangen te behartigen. Het betekent ook dat ik statelijke organen stimuleer om meer open te staan voor de normen en waarden van minderheidsgroepen om zo het recht meer inclusief te maken. In het internationale recht vraag ik aandacht voor het belang van cultuur. Zo pleit ik in het internationale strafrecht voor de erkenning van een ‘cultural defence’ waarmee gewicht wordt toegekend aan de culturele motieven van de verdachte.

In het kader van de rechtsvergelijking bekijk ik hoe in verschillende rechtsstelsels met vergelijkbare vragen wordt omgegaan. Ik doe dat vanuit de context: op het eerste gezicht lijken alle juridische instituties hetzelfde, maar cultureel zijn er grote verschillen. Zo staat de rechter in de VS en het VK op een voetstuk, maar in Continentaal Europa is dat veel minder het geval. In het kader van de rechtsvergelijking houd ik me niet alleen bezig met de traditionele – Westerse – vergelijkingslanden zoals de VS, het VK, Frankrijk en Duitsland, maar ook met andere belangrijke stelsels zoals die van landen in Afrika en China. Ik ben lid van de denktank ‘Lawyers for Upholding International Law’ die de beoefening van het recht helpt beschermen tegen politieke inmenging. De kracht van juridische argumenten en niet de macht van partijen moet de doorslag geven. De denktank heeft een aantal amicus briefs uitgebracht op verzoek van rechterlijke instanties en constitutionele hoven in verschillende landen.

Ik ondersteun gemeenschappen in de voormalige koloniën in het Globale Zuiden en minderheden in Nederland bij het realiseren van mensenrechten. Ik doe dat met behulp van de receptorbenadering die uitgaat van de eigen kracht, kennis en kunde van die gemeenschappen. Deze benadering verzet zich tegen het Eurocentrisme dat nog steeds dominant is op het terrein van dit vakgebied: wetenschappelijke argumenten en niet machtsposities moeten de doorslag geven.

In mijn onderzoek leg ik de nadruk op het vinden van oplossingen voor maatschappelijke problemen. Ik doe dat zoveel mogelijk samen met de gemeenschappen waarom het gaat. Dat wordt community based participatory research genoemd. Dat betekent dat de gemeenschap mee beslist over de opzet van het onderzoek, kennis levert die in de boeken vaak niet te vinden is en de kwaliteit van het onderzoek mede bewaakt. Op deze manier heb ik samen met de Nederlandse moslimgemeenschap een plan ontwikkeld om terrorisme te bestrijden met behulp van de islam en die gemeenschap. Met de overheid wordt bekeken hoe we dat plan kunnen gaan uitvoeren.     

De afgelopen jaren ben ik visiting professor geweest op zo’n 25 universiteiten, waaronder de University of Cambridge, Sciences-Po en Tsinghua University. Voordat ik in Utrecht aan de slag ging was ik hoofd van de afdeling Europese en Juridische Aangelegenheden van de Directie Coördinatie Minderhedenbeleid van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Oordeel kwaliteit onderzoek van deskundigen uit Globale Zuiden

 

Empowering historically marginalised communities to realise their human rights
5 Kernpublicaties

Contact: T.Zwart@uu.nl